Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

MinBuza.nl

U bevindt zich op: Home Consulaat-generaal Afdelingen MATRA en mensenrechten

MATRA en mensenrechten

Doelstellingen van Matra

Het Matra-programma richt zich op de ondersteuning van de overgang naar een pluriforme, democratische rechtsstaat in landen in Midden- en Oost-Europa evenals in geselecteerde buurlanden ten zuiden van de Europese Unie. Het programma ondersteunt activiteiten die het proces van verandering stimuleren. Tevens wordt beoogd een bijdrage te leveren aan de opbouw en versterking van de bilaterale betrekkingen tussen Nederland en de Matra-landen.

In het kader van het Matra-programma kunnen activiteiten binnen de volgende twaalf thema’s worden ondersteund:

  • Wetgeving en recht
  • Openbaar bestuur/openbare orde/politie
  • Mensenrechten/minderheden
  • Milieu
  • Biodiversiteit
  • Volkshuisvesting
  • Voorlichting en media
  • Cultuur
  • Welzijn
  • Gezondheidszorg
  • Arbeid en sociaal beleid
  • Onderwijs (voor zover betrekking hebbend op één of meer van de hierboven genoemde thema's)

Binnen het Matra-programma bestaan twee hoofdinstrumenten, gericht op samenwerking met de centrale overheid (Matra voor Europese Samenwerking), en met het maatschappelijk middenveld (Matra voor Goed Bestuur).

Matra is op dit moment in de volgende landen actief. De uitvoering van Matra verschilt per land en is onderverdeeld in vijf verschillende categorieën:

  1. Nieuwe EU-lidstaten: Bulgarije en Roemenië (geen nieuwe voorstellen).
  2. Kandidaat-lidstaten: Kroatië, Macedonië en Turkije.
  3. De potentiële kandidaat-lidstaten: Albanië, Bosnië-Hercegovina, Kosovo, Montenegro en Servië.
  4. De Oosterburen: Armenië, Georgië, Moldavië, Oekraïne, Russische Federatie en Wit-Rusland.
  5. De Zuiderburen: Algerije, Marokko, Jordanië, Libanon, Syrië en Tunesië (beperkte mogelijkheden!). 
Matra bevordert strategische samenwerking tussen ministeries in de nieuwe EU-lidstaten. In deze groep landen zal de lopende samenwerking in de komende jaren worden uitgefaseerd.

Voor de kandidaat-lidstaten zijn de voornaamste doelstellingen het verlenen van pre-accesie-ondersteuning aan ministeries en verwante organisaties en het versterken van de 'civil society'.

Voor de EU-oosterburen zijn de doelstellingen het versterken van de 'civil society' en het lokale bestuur, terwijl een begin wordt gemaakt met samenwerking tussen ministeries.

In de zuidelijk buurlanden van de EU wordt een bescheiden aanpak nagestreefd, waarbij de ambassades een budget toegekend krijgen voor kleine ambassadeprojecten.

Bekijk de volledige versie van MinBuza